Een wederkerend werkwoord is een werkwoord dat terugslaat op een persoon. Wederkeren is hetzelfde als terugkeren.

Voorbeeld

Ik erger me aan mijn broertje dat zit te computeren.

Het werkwoord in deze zin is zich ergeren. Het woordje me verwijst naar het onderwerp ik.

Nog een voorbeeld

Mijn zus verbaast zich over mijn urenlange gepuzzel. (Mijn zus is zij)

Het werkwoord in deze zin is zich verbazen.Het woordje zich verwijst naar het onderwerp mijn zus.

Verwijzingen bij het wederkerend werkwoord

Het onderstaande rijtje geeft aan welke verwijzing er hoort bij een bijbehorend onderwerp. Op de plaats van de drie puntjes (...) kan een werkwoord ingevuld worden.

  • Ik ... me
  • Jij ... je
  • U ... zich
  • Hij ... zich
  • Zij ... zich
  • Wij ... ons
  • Jullie ... je
  • Die mensen (zij) ... zich

Voorbeeld

Hieronder is het werkwoord vervelen ingevuld

  • Ik verveel me
  • Jij verveelt je
  • U verveelt zich
  • Hij verveelt zich
  • Zij verveelt zich
  • Wij vervelen ons
  • Jullie vervelen je
  • Zij vervelen zich

Trema e (ë)

In deze les leer je hoe je een woord dat in het enkelvoud eindigt op:

  • ie kunt omzetten in het meervoud op een n met een trema op de e;
  • ee kunt omzetten in het meervoud op en met een trema op de e;
  • ie kunt omzetten in het meervoud op en met een trema op de e.

Woorden eindigend op ee

Woorden die eindigen op ee krijgen in het meervoud ën

  • zee - zeeën
  • slee - sleeën
  • thee - theeën

Woorden eindigend op ie

Bij woorden die eindigen op ie, moet je kijken waar in het woord de klemtoon ligt. Daarbij geldt de volgende regel:

  • Als de klemtoon niet valt op de laatste lettergreep krijgt het woord in het meervoud een n en een trema op de e;
  • Als de klemtoon wel valt op de laatste lettergreep krijgt het woord in het meervoud een en met een trema op de e.

Tip

Om te weten waar de klemtoon ligt van een woord kun je kijken in het woordenboek. In het woordenboek staat een streep onder het gedeelte waar de klemtoon ligt. Hieronder staat een voorbeeld van het woord porie.

porie

Voorbeelden van woorden eindigend op ie

 Klemtoon niet op de laatste lettergreep Klemtoon op de laatste letergreep 
ceremonie - cermoniën filosofie - filosofieën
kolonie - koloniën genie - genieën
bacterie - bacteriën calorie - calorieën
porie - poriën melodie - melodieën
natie - natiën allergie - allergieën
  kopie - kopieën
  symfonie - symfonieën
  industrie - industrieën

In deze les ga je van samengestelde zinnen, twee losse zinnen maken.

Voorbeeld

Opa ligt op de bank en leest de krant.

  • Deze samengestelde zin kan ik opdelen in twee losse zinnen:
  • Opa ligt op de bank.
  • Hij leest de krant.
  • Ik heb het voegwoord en uit de zin gehaald.
  • Ik heb het woord hij toegevoegd, om de tweede zin kloppend te maken.

Voorbeeld

Je kan samengestelde zinnen ook vaak opdelen in een hoofdzin en een bijzin.

Opa, die op de bank ligt, leest de krant.

  • De hoofdzin is hier: Opa leest de krant.
  • De bijzin is: die op de bank ligt. (Dit vertelt iets over opa).
  • Het verwijswoord die moet je dan ook vervangen door opa of hij.
  • Je krijgt dan de twee zinnen: Opa leest de krant. Hij ligt op de bank.

Voorbeeld

Soms staan er in de zin aandachtstreepjes. De bijzin staat dan tussen deze aandachtstreepjes.

Oma zit te puzzelen - dat doet ze elke dag - aan de eettafel.

  • De hoofdzin is hier: Oma zit te puzzelen aan de eettafel.
  • De bijzin is: dat doet ze elke dag.
  • Je krijgt nu de twee volgende zinnen: Oma zit te puzzelen aan de eettafel. Zij doet dat elke dag.